Coalitieprogramma 2014 – 2018

Samen voor Lisse

Bestuursovereenkomst 2014 – 2018

 

Bestuursovereenkomst Lisse

Deze bestuursovereenkomst kent drie onderdelen:

  1. Bestuursakkoord
  2. Beleidsakkoord
  3. Samenstelling college inclusief portefeuilleverdeling

Lisse, 11 april 2014.

 

Bestuusakkoord

De partijen Nieuw Lisse, D66 en SGP/Christen Unie komen overeen gezamenlijk de verantwoordelijkheid te nemen voor een college in 2014 – 2018 voor de gemeente Lisse.

Partijen zijn van mening dat het in het belang van Lisse is als oppositiepartijen en coalitiepartijen de komende vier jaar intensief en transparant samenwerken. Dat begint door de burger centraal te stellen en deze als eerste te betrekken bij het te voeren beleid. Daarom is dit een bestuursakkoord op hoofdlijnen. Bij het proces om te komen tot nieuw beleid zullen behalve de burger ook de oppositiepartijen worden betrokken met als doel een breed draagvlak te bereiken. Partijen komen het volgende overeen:

 

Ten aanzien van de werkwijze

  • het college de uitgangspunten mee te geven door middel van een globaal inhoudelijk Beleidsakkoord;
  • dat partijen die deelnemen aan het college de voorstellen van het college, die in overeenstemming zijn met het Beleidsakkoord, op hoofdlijnen zullen steunen;
  • een werkwijze te hanteren waarin partijen/fracties elk overig voorstel afmeten aan de eigen politieke en inhoudelijke beoordeling;
  • het college de opdracht te geven om in elk geval van interne politieke verdeeldheid over een voorstel van een wethouder, deze de gelegenheid te geven verschillende varianten van het voorstel aan de raad ter besluitvorming voor te leggen;
  • overige voorstellen zoveel mogelijk te voorzien van scenario’s waarover serieus gedebatteerd kan worden in de raad;
  • thema’s/onderwerpen die zich lenen voor een opiniërende bespreking als zodanig voor te leggen aan de raad.
  • Thema’s die zich de komende periode aandienen voor een opiniërende benadering zijn bijvoorbeeld de Kadernota 2015, Participatie en het Veiligheidsbeleid.

Voorgesteld wordt dat bij de uitwerking van het bestuursakkoord in een uitvoeringsprogramma expliciet door de organisatie gekeken wordt naar de mogelijkheid meer/andere thema’s opiniërend te behandelen;

  • een open houding te garanderen; hierdoor zijn er geen vaststaande meerderheden, noch minderheden; elk voorstel wordt op zijn merites beoordeeld vanuit de eigen politieke positie van een fractie.

Ten aanzien van het vertrouwen

 

  • het vertrouwen in een wethouder niet op te zeggen, indien deze in opdracht van de meerderheid van de raad, ander beleid uitvoert dan de eigen fractie voorstond of voorstaat;
  • de vertrouwensregel uitsluitend te gebruiken binnen de controlerende taak van de raad; als gevolg hiervan valt een college niet als een wethouder moet aftreden, maar wordt deze vervangen door de partij waaruit hij afkomstig is, dan wel wordt desgewenst een andere partij in het college betrokken.

Ten aanzien van de omgang met elkaar

  • een respectvolle omgang met elkaar te garanderen, die zich uit in goede persoonlijke omgangsvormen en een respectvolle bejegening;
  • om in stellingnames het belang van en de omgang met de minderheid mee te wegen.

Ten aanzien van het Beleidsakkoord

  • het bestaande beleid van voorgaande jaren wordt gecontinueerd. In het Beleidsakkoord zijn enkel de voorgenomen wijzigingen op het bestaande beleid vermeld. Visie- en beleidsnota’s blijven onverminderd van kracht voor zover ze niet in tegenspraak zijn met dit Beleidsakkoord of vanuit het oogpunt van de beleidscyclus aan actualisatie toe zijn;
  • daar waar in het Beleidsakkoord is vermeld dat onderzoek zal worden gedaan, heeft het de voorkeur om dit met inzet van de gemeentelijke medewerkers te doen. Uiteraard is het van belang dat de aard van het onderzoek zich verdraagt om het onderzoek in eigen beheer te verrichten. Daarnaast dient sprake te zijn van voldoende beschikbare tijd en expertise om het onderzoek te doe

Beleidsakkoord

Ondergetekenden komen het volgende overeen:

  1. Financiën. Centraal staat een gezond en solide financieel beleid. Hiervoor zal een strikte begrotingsdiscipline worden gehanteerd. Eventuele noodzakelijke financiële bijstellingen zullen aan de raad bij de begroting en tussenrapportages worden voorgelegd. Extra noodzakelijke uitgaven of de dekking van tekorten moeten binnen de in de begroting opgenomen programma’s worden gevonden. Voorts is uitgangspunt dat geen stijging van de lokale lasten zal plaatsvinden, met dien verstande dat enkel voor inflatie zal worden gecorrigeerd. Ook dient er sprake te zijn van een evenwichtige begroting en een voldoende reserve voor het opvangen van risico’s en onvoorziene tegenvallers. Structurele uitgaven moeten worden gedekt door structurele inkomsten. Mocht sprake zijn van extra gewenste investeringen, dan zal er een integrale afweging plaatsvinden. In deze afweging hebben investeringen met een zgn. zorgkarakter en leefbaarheidsprojecten dan de voorkeur. De eerder als ‘richting gevende’ aangeduide bezuinigingsvoorstellen zullen in concrete maatregelen zijn vertaald in de Kadernota’s van 2015 en 2016.
  2. Sociaal en zorg. Bij de transitie drie Decentralisaties (dit is het overgaan van rijks- en provinciale taken binnen het sociale domein en de zorg naar de gemeenten) op het gebied van de uitvoerende taken onderschrijven de ondertekenaren van dit Bestuursakkoord de uitgangspunten en de (vervolg) aanpak zoals verwoord in de brief van 27 maart 2014 [1] van de Stuurgroep 3D. Deze van rijkswege beschikbaar komende middelen zullen hiervoor volledig worden gereserveerd. Blijken de eerste jaren de rijksmiddelen onvoldoende te zijn om de zorg op het gewenste niveau te handhaven dan zullen de daarvoor bedoelde reserves worden ingezet. Maatwerk en keuzevrijheid van de zorg, bijvoorbeeld ten aanzien van identiteit [2] zijn uitgangspunt. Uiteraard geldt hierbij dat voldaan wordt aan de minimale kwaliteitseisen en de gestelde budgettaire kaders.
  3. Economie en toerisme. Aan het ontwikkelen en vaststellen van een regionaal economisch/toeristisch programma geven we prioriteit. Meer economische groei in de regio komt immers ten goede aan de ondernemers en inwoners van ons dorp. We onderstrepen daarbij het belang van innovatie. De doorontwikkeling van het Flower Science Centre is hiervan een mooi voorbeeld.
  4. Samenwerking gemeenten Bollenstreek.   Voor de versterking van de strategische positie van de Bollenstreek zijn de vastgestelde strategische werkafspraken uitgangspunt. Het sociaal domein en de economische agenda hebben hierbij prioriteit.

 

De mogelijkheden van ambtelijke samenwerking dienen te worden onderzocht en te worden doorgevoerd waarbij het doel is verbetering van onder meer de effectiviteit, efficiency en externe belangenbehartiging.

Partijen onderkennen dat er verschil van opvatting is als het gaat om vormgeving van de bestuurlijke samenwerking in de Duin- en Bollenstreek. De partijen Nieuw Lisse en de SGP/Christen Unie hebben in dit vraagstuk het uitgangspunt dat de gemeente Lisse als zelfstandige gemeente blijft bestaan. D66 is voorstander van een fusie met de andere gemeenten in de Bollenstreek.

Deze verschillende visies leiden ertoe dat een gemeentelijke fusie door dit college niet zal worden geïnitieerd.

  1. Aantrekkingskracht van Lisse. Voor het aantrekkelijker maken van Lisse als centrum van de Bollenstreek zal in samenspraak met de inwoners en ondernemers een plan worden opgesteld. In deze planvorming is de bloembollencultuur en – beleving uitgangspunt. Hiervoor zal gedurende drie jaar jaarlijks € 100.000 beschikbaar worden gesteld. Voor de besteding zal ieder jaar een uitvoeringsplan worden opgesteld.
  2. Parkeren nabij centrum. Het bestaande verkeerscirculatieplan zal geactualiseerd worden en dat zal leiden tot een verkeersvisie. Daarin is onder andere aandacht voor het treffen van maatregelen om te komen tot optimalisering van de beschikbare parkeercapaciteit nabij het centrum. Die optimalisering moet in lijn zijn met de visie dat Lisse voor de hele regio een aantrekkelijk winkelcentrum is. Dit betekent dat bezoekers gratis kunnen parkeren en niet onnodig lang hoeven te zoeken naar een parkeerplaats. Voor een optimaal gebruik van de bestaande parkeercapaciteit zal de blauwe zone worden uitgebreid. Voorts zal voor de periode van vier jaar jaarlijks € 50.000 beschikbaar worden gesteld voor het strikt handhaven van de blauwe zone.
  3. Zondagsopenstelling op grond van de Winkeltijdenwet Medio 2015 zal een onderzoek worden gedaan met een evaluatie onder de eigenaren/winkeliers, de medewerkers en de bezoekers van de winkels. In het onderzoek onderscheiden we de winkels in en buiten het centrum van Lisse. In dit onderzoek zal ook aandacht worden besteed aan de concurrentiepositie van het koopcentrum Lisse en het effect van de openstelling op de zondagen op de lokale economie. Aan de hand van de uitkomsten van het onderzoek is de raad in de gelegenheid te debatteren over het vigerende beleid van de winkelopenstelling op zondag.
  4. Voor het terugdringen van de leegstand van winkels, woningen en andere gebouwen, zal binnen één jaar nader beleid worden ontwikkeld. Hierbij zullen de mogelijkheden van een Leegstandsverordening worden onderzocht.
  5. Participatie van inwoners en instellingen wordt van groot belang geacht. Het doel is dat vanuit de gemeente ruimte en ondersteuning wordt gegeven aan initiatieven vanuit de lokale samenleving. De besluitvorming in college en raad zal op een zodanige manier worden ingericht dat (organisaties van) burgers van de oorsprong invloed kunnen hebben op de planvorming van de gemeente. Voor het daadwerkelijk vorm en inhoud geven van deze manier van werken zal gedurende vier jaar jaarlijks € 100.000 beschikbaar worden gesteld. Binnen een half jaar na vaststelling van dit Beleidsakkoord zal een plan van aanpak worden gepresenteerd. Hierin wordt voor verschillende beleidsterreinen voorgesteld wat de gemeente in het kader van de participatie gaat loslaten, faciliteren, stimuleren, regisseren en/of reguleren.
  6. Voor een voortgaande verbetering van de dienstverlening zal worden ingezet op verregaande digitalisering. De lange termijn ambitie is dat de burgers ten alle tijde kunnen controleren hoe het met de voortgang staat van hun meldingen, aanvragen en dergelijke. Zij zijn zelf in staat aanvragen, meldingen en dergelijke digitaal in te dienen. Overigens blijft de Gemeentewinkel open voor bezoekers.

 

  1. Extra bestuurlijke aandacht wordt geschonken aan de projecten HOBAHO en Dever Zuid. Het college komt zo nodig met voorstellen aan de raad teneinde bovengenoemde projecten vlot te trekken.
  2. Beheer buitenruimte. Voor een effectievere aanpak van klachten en het plegen van klein onderhoud in de buitenruimte zullen verbeterafspraken worden gemaakt waardoor ergernissen van geringe omvang snel en effectief kunnen worden verholpen. Hierbij dient de mogelijkheid van een snel serviceteam te worden uitgewerkt. De communicatie richting inwoners moet adequaat zijn, ook als een snelle oplossing niet direct voorhanden is.
  3. Er zullen voorstellen worden gedaan voor het treffen van maatregelen met een duurzaam karakter. Enerzijds dienen deze maatregelen te zijn gericht op het stimuleren van anderen om voorzieningen met een duurzaam effect te realiseren anderzijds zal de gemeente maatregelen treffen die een voorbeeld zijn voor anderen. Voor zowel maatregelen met een stimulerend karakter voor anderen als het treffen van gemeentelijke maatregelen, zullen extra middelen beschikbaar worden gesteld. Bij de Kadernota 2016 zal een pakket van concrete maatregelen worden voorgesteld.
  4. Stichting BESCAL. Er zal onderzoek worden verricht naar de mogelijkheden om de gebouwen, die thans onder het beheer van de Stichting vallen, voor lagere kosten te exploiteren en te beheren. Een van de mogelijkheden hiertoe kan zijn het in beheer en/of exploitatie geven van het gebouw aan de gebruikers. Aan de hand van de uitkomsten van het onderzoek zal voor ieder gebouw afzonderlijk een keuze worden gemaakt. De Beukenhof blijft op de huidige locatie, maar mogelijk van geringere omvang.